Bonnetjes, referenda en geitenpaadjes: de paradox van macht en de toekomst van Nederland
Onlangs feliciteerde ze Israël, nu beklaagt ze zich over ons landje. Voor in ons weekend-katern: een nieuwe inzending van reaguurster einStina.
De paradox van macht en de toekomst van Nederland
Deze week kwam uit dat het kabinet, wie dan ook precies, glashard loog over het niet-bestaan van memo's over de afschaffing van de dividendbelasting. Ondertussen wordt er gewerkt aan het aanleggen van een geitenpaadje waardoor de WIV alsnog gewoon ingevoerd kan worden, ondanks de nee-stem van de burger. Tegelijkertijd wordt ook nog geprobeerd de wet op het raadgevend raadgevend referendum af te schaffen, waarbij onze allerlaatste hoop de bedaagde wijsheid van de Eerste Kamer is (Hup PVV! Hup SGP! Hup traditioneel gezien grote partijen met veel ervaring! Ohnee, wacht).
Zelfs een blinde ziet het: de kloof tussen overheid en burger is enorm en het vertrouwen krimpt steeds verder. Jongeren klagen “dat ik niet weet wat te stemmen want politici liegen toch altijd en ik herken me in geen enkele partij” en mensen met iets meer dagen op de teller dromen veelvuldig over vertrekken naar vrediger oorden omdat het echte Nederland toch allang kwijt is. De overheid roept ondertussen dat zij de oplossing heeft: de een ziet het in meer EU, de ander in minder EU, de een in meer geïmporteerde wezens, de ander in minder, de een in de Bijbel en de ander in de moskee, de een in gladde pakken met blauwe schoenen en de ander in gedegen bestuurskennis.
Doordat de verschillende partijen binnen de overheid tegenwoordig ver uiteen liggen, ons parlementaire systeem is gebaseerd op het bereiken van compromissen, en de coalitie steeds vaker minimaal is, missen de boven ons gestelden slagkracht. Daarnaast is er steeds minder draagvlak voor hun beslissingen bij de burgers die zij vertegenwoordigen, wiens belangen zij behartigen, doordat de visies sterk uiteen liggen en beiden hun zin willen. Daardoor is er niet alleen een groeiend machtsvacuüm binnen de regering, maar hebben we ook te maken met een steeds verder escalerend conflict over de macht van bestuur en burger. Zeker nu men een middel tot burgerinspraak (na het negeren van burgerwensen) in de prullenbak probeert te proppen.