Moslims moeten handen schudden. Allemaal

Naar het oordeel van het hof is de discriminatie echter objectief gerechtvaardigd. Het handen schudden, een gemeenschappelijke omgangsvorm, is met enige regelmaat aan de orde voor de Klantmanager. In een pluriforme en multiculturele samenleving als de Nederlandse is het belang van het hanteren, althans niet afwijzen, van een dergelijke gemeenschappelijke omgangsvorm zeer zwaarwegend. De gemeente dient als overheidsorgaan neutraliteit uit te stralen naar alle burgers, ongeacht geslacht.
In dat licht is het van wezenlijk belang dat de Klantmanager de klanten tegemoet treedt op een wijze die door hen niet als respectloos en kwetsend wordt ervaren. Indien de Klantmanager weigert een door de klant (man of vrouw) uitgestoken hand te schudden, zonder dat daarvoor een aanwijsbare fysieke - of anderszins objectieve - oorzaak is, zal dit door veel mensen in de Nederlandse samenleving als kwetsend en beledigend worden ervaren. Dit gedrag schaadt de relatie tussen de klant en de gemeente.
Van groot belang is dat de klant de confrontatie met dit gedrag niet uit de weg kan gaan. Het weigeren om de uitgestoken hand van een vrouwelijke klant te schudden is temeer onaanvaardbaar, nu die weigering als een ontkenning van de gelijkwaardigheid van mannen en vrouwen, en dus als extra kwetsend kan worden ervaren. Daaraan doet volgens het hof niet af dat de man zich bereid heeft verklaard ook mannen niet de hand te schudden. Nu de discriminatie objectief is gerechtvaardigd, is de afwijzing van de betreffende sollicitant door de gemeente niet onrechtmatig.